De Buurvrouw 2018-7

‘Kleinzoon geslaagd?’, vraagt buurvrouw. En ja, inderdaad is onze kleinzoon geslaagd en werd hem zijn diploma vmbo-kader de afgelopen week uitgereikt. Ook nog veertig anderen waren geslaagd en het was dus een groot feest op de BWS. De meesten zullen nu wel een zomerbaantje hebben en al aan het werk zijn. Daarna vertrekken de meesten richting Leeuwarden voor een vervolgopleiding.

‘Dat was in onze tijd allemaal wel wat anders’, verzucht buurvrouw. En zo gaat het gesprek al weer snel over vroegere tijden.

In onze schooltijd op de Burgemeester Waldaschool had je de huishoudschool, de landbouwschool en de mulo. Toen ik in 1957 naar de mulo ging bestond de school in feite nog alleen uit het oude hoofdgebouw. In het bovenlokaal huisde de vierde klas. Het meest westelijke lokaal was ingericht als natuurkundelokaal. De huishoudschool zat in een houten gebouw aan de westkant van het gebouw. Later zouden gemeentewerken en de sociale werkplaats er nog gebruik van maken.

We kwamen met een grote groep leerlingen in de eerste klas terecht. In, naar ik meen 1959, werd begonnen met de uitbreiding van de school en was er ook ruimte voor de landbouwschool die geleid werd door meester Burema. In het nieuwe gebouw werd toen ook de huishoudschool gevestigd. Al na het eerste jaar verliet een groot aantal leerlingen de mulo. Een deel ging naar de landbouwschool of huishoudschool en anderen naar de vaste wal voor een technische opleiding.

Het waren geen gemakkelijke jaren op de BWS met een groot tekort aan docenten. Dat veranderde pas met de komst in 1959 van directeur Toebes en ook docenten als Hulsebos, Glazenburg en juffrouw De Wit. Er kwam weer orde en regelmaat, iets wat enkele jaren had ontbroken.

En zo kwam het dat ik in 1961 mijn eerste examen mocht afleggen. Na twee dagen schriftelijke examens op school volgde het mondeling examen in Leeuwarden. Om op tijd aanwezig te kunnen zijn moest je de dag voor het examen al weg. Je ging ook niet met de hele klas maar verdeeld over verschillende dagen. Ik kon de nacht voor het examen doorbrengen bij een oom en tante die in Sijbrandaburen woonden. Jan en Tine de Vries hadden daar een winkel in huishoudelijke artikelen, radio en tv, fietsen, bromfietsen, wasmachines, afijn van alles wat. In Leeuwarden aangekomen zocht ik de bus naar Sneek. Er was een bushalte langs de weg waar we stopten. Daar ligt Sijbrandaburen, zei de buschauffeur en wees in de verte. En inderdaad langs een smal pad door de weilanden arriveerde ik in ‘Sibrandabuorren’ zoals het tegenwoordig heet.

Van de examendag kan ik me weinig herinneren, alleen het feit dat ik niet geslaagd was maar wel een 7 had gekregen voor het vak tekenen waar ik niet aan had deelgenomen. Dus dat kon toen ook al: een cijfer krijgen voor iets wat je niet hebt gedaan, zoals in Maastricht de laatste jaren gebruikelijk schijnt te zijn. Omdat er die dag nog twee naamgenoten deelnamen aan het examen (Jan de Vries is echt een veel voorkomende naam!) is het best mogelijk dat er een verwisseling heeft plaatsgevonden. Er is nog geprobeerd om een herexamen aan te vragen maar dat is niet gelukt, zo bleef er weinig anders over dan het nog een keertje over te doen.

We waren die tweede keer met z’n vieren. Volgens mij hebben we ergens in een hotelletje in Leeuwarden overnacht maar echt helder staat het me niet voor de geest. Wel dat het examen nu toch beter verliep dan de het jaar daarvoor. En ik kon met het mulo- en het middenstandsdiploma op zak naar huis. Blij kwam ik thuis, of ze de uitslag al wisten weet ik niet meer want een mobieltje had je nog niet. ‘Moai daan, seun’, zeiden mijn ouders. Mogelijk hadden we die avond wat lekkers bij de koffie maar meer zal het niet zijn geweest. De volgende dag ging ik aan de slag in de viswinkel annex cafetaria van Cees Talma in de Burenlaan.

Jan J. de Vries

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven