De Buurvrouw 2015-6

‘Beetje vreemd eigenlijk’, zegt buurvrouw, ‘ik heb me onze minister-president altijd een beetje voorgesteld als een soort ‘Oberburgermeister’ zoals onze buren zeggen. Ja, meer een beetje de super burgervader van ons allen. Zo iemand waar je toch wat tegen opkijkt en die altijd zegt dat het wel goed zal komen. En nu opeens gaat onze minister-president ‘Dikke-Ik’ dingen zeggen.

Niet zeuren wanneer je werkloos wordt. Je gaat eerst maar op zoek naar ander werk en als dat niet lukt dan mag je uiteindelijk wel naar het UWV. Dan ben je het zicht op de werkelijkheid wel kwijt geraakt, zou ik zeggen. Ja, ik weet wel, hij heeft niet de zorg voor een vrouw en zes kindertjes en misschien ook geen hoge hypotheeklasten. Dat laatste weet ik niet maar als hij dat wel heeft, vangt hij toch ook flink terug via de belastingaftrek. Hij zit immers in het hoogste tarief met zijn salaris.

Je zult maar werkloos worden, en dat zijn er heel wat geweest de afgelopen jaren, en je ziet je salaris met 30% afnemen. En na twee jaar kom je in de bijstand terecht en dat is helemaal geen pretje. Soms raken zelfs beide partners hun baan kwijt, nou dan zijn de rapen helemaal gaar! Waarvan moeten die mensen rondkomen? De ellende is vaak niet te overzien en dan zegt onze minister-president doodleuk dat je maar niet direct bij het UWV moet aankloppen. Kun je zien dat hij zelf nooit werkloos is geweest en ook niet zal worden. Een dag te laat aangemeld bij het UWV en je wordt al gekort. En dan maar iedere week solliciteren tot je een ons weegt zonder dat het enig succes heeft. Iedereen wil graag weer een baan en dan mag je best wat minder gaan verdienen, maar er zijn ook grenzen. Afijn, het ‘Dikke-Ik’ verhaal zal in zijn eigen kringen wel goed zijn aangekomen. Ik zit nog altijd op die duizend euro te wachten die hij me ooit heeft beloofd.’ 

Zo lang is buurvrouw bij mij nog nooit aan het woord geweest. Maar onze super burgervader is dan ook wel flink van leer getrokken in zijn meest recente toespraak voor zijn partijgenoten. Hij schijnt ook geen begrip te hebben voor de bouwvakker die op zijn zeven en vijftigste wel eens verzucht: ‘Ik moet nog tien jaar!’ Zo’n bouwvakker heeft er dan misschien al bijna veertig jaar opzitten. Hij heeft niet tot zijn 25e levensjaar gestudeerd zoals onze Mark heeft gedaan. Na tien jaar bedrijfsleven is hij nu dertien jaar actief in de politiek. Ik ben benieuwd wat hij de volgende 25 jaar gaat doen! De meeste politici komen wel goed terecht na hun politieke loopbaan. Er ligt vast wel wat leuks voor hem in het verschiet. 

‘Ach,’ reageert Watze, ‘hij zei ook nog dat hij graag een hardwerkende samenleving ziet. En niemand zou een beetje meer gelijk dan de rest moeten zijn. Je krijgt het niet, maar je moet het verdienen en als het tegenzit roei je gewoon wat harder. Dat klinkt iemand die net zijn baan en huis is kwijt geraakt vast wel aardig in de oren. Steeds vaker denk ik dat de politiek en de samenleving elkaar steeds meer uit het oog verliezen. Maar ach, dat is niet nieuw. Ook een Abraham Kuyper ging een eeuw geleden al aan de werkelijkheid voorbij en moest vervolgens het veld ruimen. En velen hebben hem gevolgd en zullen hem nog volgen!’

‘Ja’, zeg ik, ‘het is nog altijd zo dat wie oren heeft die hore!’ ‘Stop even’, zei laatst mijn kleindochter toen we een fietstochtje maakten. ‘Ik heb oorsnot!’ Het lijkt erop dat niet alleen onze kleindochter problemen heeft met haar oorsnot.

Jan J. de Vries

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven